zaterdag 30 december 2017

De terugkeer van Tiësto

Toen Maarten Houtman in 2007 definitief stopte met zijn lesgroepen, schreef hij het pamflet ‘Aan mijn opvolgers’, waarin hij zijn leerlingen aanspoorde zijn werk voort te zetten:
Nu ik na jarenlang met jullie geoefend te hebben, definitief afscheid neem, moeten jullie het van mij overnemen. Hoe dat zal gaan weet geen mens. Maar jullie moeten bij jezelf nagaan of je dat ook echt wilt. Niet om mij gerust te stellen, maar omdat meditatie een levenszaak voor je is.
[...]
Al met al een geweldige uitdaging, een die het uiterste van je vraagt, maar die ook alle kracht en vertrouwen in je activeert. Het is niet niks, maar dat was het ook niet toen ik de leiding nog had. Maar toen kon je nog, al was het onbewust, het gevoel hebben hij is er, dus...
Durf jezelf uit te dagen, de tijdloze werkelijkheid wacht op je antwoord. Altijd al, maar nu zeker.
Met onze eigen Amsterdamse ‘huiskamergroep’ hebben wij daar sinds 1 januari 2010 een bescheiden bijdrage aan geleverd.
We gaan nu dus ons achtste jaar in.
Het aantal deelnemers was nooit groter dan zes - meer gingen er gewoon niet in. Soms vertrok er iemand, soms kwam er iemand bij. Maar het was altijd gezellig, zeker tijdens het rondje theedrinken vooraf aan de keukentafel. En als er iemand zei: “Voor mij is zingen toch de betere meditatie,” dan hielden we een vrolijk afscheid - zie foto onder.

Afscheid van Liet (voorgrond r.) met v.l.n.r. Lene, Diana, Klaaske, Ellen
[foto Hein - klik om te vergroten]

Mei 2013 overleed Ellen plotsklaps aan een hartstilstand. Het verlies zijn we maar moeizaam te boven gekomen, haar plek in onze huiskamerkring is sindsdien eigenlijk onbezet gebleven.
Casta (half-time) en Aloys (wintergast) hebben de leemte nu enigszins opgevuld.

's Zomers moeten we het zonder Aloys stellen, van mei tot september is hij onze fietsende Tao-zen ambassadeur in Europa. De deelnemers aan de huiskamergroep ontvangen dan van heinde en verre zijn reisverslagen: van de Noordkaap tot Rome, van de Buiten Hebriden tot Sevilla.
En wij intussen maar zitten en shaken...

Onlangs stond, na jaren, Tiësto weer op ons shake-programma: onderstaande twee nummers van Panama (In Search Of Sunrise 3).
Ellen was onze grote Tiësto fan, als zijn muziek weerklonk shakete ze erop los... dus we draaiden hem veel.
Tiësto keert nu terug ... als hommage aan Ellen!



De terugkeer van Tiësto

Toen Maarten Houtman in 2007 definitief stopte met zijn lesgroepen, schreef hij het pamflet ‘Aan mijn opvolgers’, waarin hij zijn leerlingen aanspoorde zijn werk voort te zetten:
Nu ik na jarenlang met jullie geoefend te hebben, definitief afscheid neem, moeten jullie het van mij overnemen. Hoe dat zal gaan weet geen mens. Maar jullie moeten bij jezelf nagaan of je dat ook echt wilt. Niet om mij gerust te stellen, maar omdat meditatie een levenszaak voor je is.
[...]
Al met al een geweldige uitdaging, een die het uiterste van je vraagt, maar die ook alle kracht en vertrouwen in je activeert. Het is niet niks, maar dat was het ook niet toen ik de leiding nog had. Maar toen kon je nog, al was het onbewust, het gevoel hebben hij is er, dus...
Durf jezelf uit te dagen, de tijdloze werkelijkheid wacht op je antwoord. Altijd al, maar nu zeker.
Met onze eigen Amsterdamse ‘huiskamergroep’ hebben wij daar sinds 1 januari 2010 een bescheiden bijdrage aan geleverd.
We gaan nu dus ons achtste jaar in.
Het aantal deelnemers was nooit groter dan zes - meer gingen er gewoon niet in. Soms vertrok er iemand, soms kwam er iemand bij. Maar het was altijd gezellig, zeker tijdens het rondje theedrinken vooraf aan de keukentafel. En als er iemand zei: “Voor mij is zingen toch de betere meditatie,” dan hielden we een vrolijk afscheid - zie foto onder.

Afscheid van Liet (voorgrond r.) met v.l.n.r. Lene, Diana, Klaaske, Ellen
[foto Hein - klik om te vergroten]

Mei 2013 overleed Ellen plotsklaps aan een hartstilstand. Het verlies zijn we maar moeizaam te boven gekomen, haar plek in onze huiskamerkring is sindsdien eigenlijk onbezet gebleven.
Casta (half-time) en Aloys (wintergast) hebben de leemte nu enigszins opgevuld.

's Zomers moeten we het zonder Aloys stellen, van mei tot september is hij onze fietsende Tao-zen ambassadeur in Europa. De deelnemers aan de huiskamergroep ontvangen dan van heinde en verre zijn reisverslagen: van de Noordkaap tot Rome, van de Buiten Hebriden tot Sevilla.
En wij intussen maar zitten en shaken...

Onlangs stond, na jaren, Tiësto weer op ons shake-programma: onderstaande twee nummers van Panama (In Search Of Sunrise 3).
Ellen was onze grote Tiësto fan, als zijn muziek weerklonk shakete ze erop los... dus we draaiden hem veel.
Tiësto keert nu terug ... als hommage aan Ellen!



vrijdag 17 november 2017

Anja Lechner, violoncello

Foto Jan Kricke | Klik om te vergroten
We zijn weer terug bij Chants, Hymns and Dances, het prachtige Gurdjieff album van Anja Lechner (cello) en Vassilis Tsabropoulos (piano) – klik hier als je nog eens na wilt lezen wat daarover in juli 2014 op dit blog geschreven stond.

Deze keer shaketen we op Dance, een stuk van Tsabropoulos.
Door de rigide politiek van platenmonopolist UMC is daarvan geen video meer te vinden – net zoals veel (YouTube-)video's die in dit blog verwerkt zijn inmiddels op zwart zijn gezet.

Wat me toen ook al opviel is hoe spiritueel deze muziek is – muziek die de betovering heeft van een ongerepte nieuwe dag die zich aankondigt aan de nachtelijke hemel. Ze voert je weg van de vertrouwde muzikale vorm en van de herkenning, van al het routineuze wat je in je greep heeft en beklemt - je hoeft je er alleen maar voor open te stellen. Als je de kans krijgt, luister dan ook naar hun versie van Chant From a Holy Book van Gurdjieff/De Hartmann.
Die kwaliteit houdt ongetwijfeld verband met het improviserende karakter, de grote kracht van Anja Lechner. Zij ontwikkelde haar talent door de jaren heen, samen met tal van topmusici, onder wie (jazz)pianist François Couturier, met wie ze ook samen in het Tarkovsky Qaurtet speelt - zie onderstaande video:



Dit je in het onbekende begeven van de improvisatie, deelt zich ook aan de luisteraar mee.

Toen Anja Lechner in april 2010 door het blad 'Yoga Aktuell' werd gevraagd: "Wie lautet Ihr Lebensmotto?", antwoordde ze: "Sei offen für das Verborgene."
En op de vraag: "Was finden Sie an sich selbst besonders gut?",  luidde haar antwoord: "Immer wieder Neues entdecken zu wollen."
Ik vond het heel ontroerend dat zo bevestigd te krijgen.
Kenmerkend was ook haar antwoord op de vraag welke mens ze graag zou ontmoeten: "Franz Schubert en G.I. Gurdjieff."

Tot slot een recente video van ECM records bij het uitkomen van het nieuw album van het Tarkovsky Quartet: Nuit blanche - gewoon leuk om naar te kijken:



Anja Lechner, violoncello

Foto Jan Kricke | Klik om te vergroten
We zijn weer terug bij Chants, Hymns and Dances, het prachtige Gurdjieff album van Anja Lechner (cello) en Vassilis Tsabropoulos (piano) – klik hier als je nog eens na wilt lezen wat daarover in juli 2014 op dit blog geschreven stond.

Deze keer shaketen we op Dance, een stuk van Tsabropoulos.
Door de rigide politiek van platenmonopolist UMC is daarvan geen video meer te vinden – net zoals veel (YouTube-)video's die in dit blog verwerkt zijn inmiddels op zwart zijn gezet.

Wat me toen ook al opviel is hoe spiritueel deze muziek is – muziek die de betovering heeft van een ongerepte nieuwe dag die zich aankondigt aan de nachtelijke hemel. Ze voert je weg van de vertrouwde muzikale vorm en van de herkenning, van al het routineuze wat je in je greep heeft en beklemt - je hoeft je er alleen maar voor open te stellen. Als je de kans krijgt, luister dan ook naar hun versie van Chant From a Holy Book van Gurdjieff/De Hartmann.
Die kwaliteit houdt ongetwijfeld verband met het improviserende karakter, de grote kracht van Anja Lechner. Zij ontwikkelde haar talent door de jaren heen, samen met tal van topmusici, onder wie (jazz)pianist François Couturier, met wie ze ook samen in het Tarkovsky Qaurtet speelt - zie onderstaande video:



Dit je in het onbekende begeven van de improvisatie, deelt zich ook aan de luisteraar mee.

Toen Anja Lechner in april 2010 door het blad 'Yoga Aktuell' werd gevraagd: "Wie lautet Ihr Lebensmotto?", antwoordde ze: "Sei offen für das Verborgene."
En op de vraag: "Was finden Sie an sich selbst besonders gut?",  luidde haar antwoord: "Immer wieder Neues entdecken zu wollen."
Ik vond het heel ontroerend dat zo bevestigd te krijgen.
Kenmerkend was ook haar antwoord op de vraag welke mens ze graag zou ontmoeten: "Franz Schubert en G.I. Gurdjieff."

Tot slot een recente video van ECM records bij het uitkomen van het nieuw album van het Tarkovsky Quartet: Nuit blanche - gewoon leuk om naar te kijken:



dinsdag 7 november 2017

Gurdjieff's Movements - aandacht, aandacht, aandacht...

Tijdens de sessie van december 1994 vertelde Maarten Houtman deze Zen anekdote:
Er was een leerling die vroeg aan meester Ikuju, een beroemde zenmeester: ‘Meester, wat is nu het hart van Zen? Wat is de kern, de laatste waarheid?’
Meester Ikuju zweeg een poos en zei daarna: ‘Aandacht.’
De monnik dacht: ja, natuurlijk: aandacht. Maar hij zei: ‘Ja, dat weet ik wel, maar wat ligt daar nu daaronder?’
Meester Ikuju zei: ‘Aandacht, aandacht.’
En toen zei de monnik: ‘Ja, maar in de Hart Soetra wordt gezegd dat het zwijgen ...’
‘Ja,’ zei meester Ikuju, ‘dat is aandacht, aandacht, aandacht.'
Tao-zen sessie van 16-21 december 1994 in Huissen, zaterdagmorgen

Ik moest aan deze passage denken, toen me pas iets overkwam waar je allerlei dure namen aan kunt geven, maar wat vergelijkbaar is met als je ergens op een verlaten plek op aarde plotseling onder een stralende sterrenkoepel staat. Of met de fascinatie die er kan zijn als je in de stad op een heldere avond hoog in de hemel de maan ontwaart.
Bij zo'n gelegenheid kun je bij jezelf constateren dat je ziel als het ware meezingt in het Al - dat is waar voor mij echte aandacht uit bestaat: totale aanwezigheid, er helemaal zijn.
Wat we meestal niet in de gaten hebben, is dat een dergelijk diep bewustzijn een sterk lichamelijke component heeft. Dat is waar mijn verhaal eigenlijk over gaat:

Ik was op een nacht - dat is voor mij vaak de tijd dat ik het helderst ben - op het internet aan het grasduinen naar geschikte muziek voor het wekelijkse shaken, toen ik op het Facebook belandde van het Konya International Mystic Music Festival, dat jaarlijks plaatsvindt in de Turkse stad Konya, rond de geboortedag van Jalal ad-Din Rumi. Op dat Facebook vond ik onderstaande video van een uitvoering van de Movements van Gurdjieff.

Ik was direct al verbluft door de ongelofelijke intensiteit van het gebeuren en het effect dat het bekijken van een filmpje van 8 minuten op me had...
De lezer moet eerst maar eens kijken:



Na die nacht tweemaal naar de video gekeken te hebben - en geluisterd, práchtig die muziek van Gurdjieff / De Hartmann - N8 (The Great Prayer, Dervishes with Counting) - vond ik het welletjes,  maar ik had wel een gevoel dat er iets bijzonders met me gebeurd was. Wat ik eigenlijk de volgende ochtend pas goed ontdekte.

Ik doe sinds enige tijd bij het wakker worden de oefening van Maarten Houtman voor de energie-circulatie. Ik voel de noodzaak ervan steeds sterker, nu ik mijn hooggespannen verwachtingen erover heb getemperd. Onder het beluisteren van de instructie op mijn mp3-speler heb ik soms moeite m'n aandacht erbij te houden en ik val regelmatig in slaap.
Maar die ochtend was het totaal anders: ik was helder, m'n lichaam voelde heel erg aanwezig en het was alsof ik vanbinnen de energiebanen voelde liggen. Die 'totale aanwezigheid' van echte aandacht blijkt een kwestie van - letterlijk - aanwezig zijn met huid en haar, in hart en nieren ...

Hoe het uiteindelijk mogelijk is dat, in samenspraak met een video, een dergelijke intensiteit van aandacht kan ontstaan, zal wel een raadsel blijven. Sommigen hebben het bij het bekijken van een kunstwerk of bij het beluisteren van toespraken van Maarten - die ook van een intensiteit zijn dat je soms aan een paar zinnen al genoeg hebt om verder te kunnen ...

De muziek van de afgelopen week - waar dit allemaal mee begon - was in januari 2016 al eens langs geweest op dit blog, zie: Kudsi Erguner - Vals


Gurdjieff's Movements - aandacht, aandacht, aandacht...

Tijdens de sessie van december 1994 vertelde Maarten Houtman deze Zen anekdote:
Er was een leerling die vroeg aan meester Ikuju, een beroemde zenmeester: ‘Meester, wat is nu het hart van Zen? Wat is de kern, de laatste waarheid?’
Meester Ikuju zweeg een poos en zei daarna: ‘Aandacht.’
De monnik dacht: ja, natuurlijk: aandacht. Maar hij zei: ‘Ja, dat weet ik wel, maar wat ligt daar nu daaronder?’
Meester Ikuju zei: ‘Aandacht, aandacht.’
En toen zei de monnik: ‘Ja, maar in de Hart Soetra wordt gezegd dat het zwijgen ...’
‘Ja,’ zei meester Ikuju, ‘dat is aandacht, aandacht, aandacht.'
Tao-zen sessie van 16-21 december 1994 in Huissen, zaterdagmorgen

Ik moest aan deze passage denken, toen me pas iets overkwam waar je allerlei dure namen aan kunt geven, maar wat vergelijkbaar is met als je ergens op een verlaten plek op aarde plotseling onder een stralende sterrenkoepel staat. Of met de fascinatie die er kan zijn als je in de stad op een heldere avond hoog in de hemel de maan ontwaart.
Bij zo'n gelegenheid kun je bij jezelf constateren dat je ziel als het ware meezingt in het Al - dat is waar voor mij echte aandacht uit bestaat: totale aanwezigheid, er helemaal zijn.
Wat we meestal niet in de gaten hebben, is dat een dergelijk diep bewustzijn een sterk lichamelijke component heeft. Dat is waar mijn verhaal eigenlijk over gaat:

Ik was op een nacht - dat is voor mij vaak de tijd dat ik het helderst ben - op het internet aan het grasduinen naar geschikte muziek voor het wekelijkse shaken, toen ik op het Facebook belandde van het Konya International Mystic Music Festival, dat jaarlijks plaatsvindt in de Turkse stad Konya, rond de geboortedag van Jalal ad-Din Rumi. Op dat Facebook vond ik onderstaande video van een uitvoering van de Movements van Gurdjieff.

Ik was direct al verbluft door de ongelofelijke intensiteit van het gebeuren en het effect dat het bekijken van een filmpje van 8 minuten op me had...
De lezer moet eerst maar eens kijken:



Na die nacht tweemaal naar de video gekeken te hebben - en geluisterd, práchtig die muziek van Gurdjieff / De Hartmann - N8 (The Great Prayer, Dervishes with Counting) - vond ik het welletjes,  maar ik had wel een gevoel dat er iets bijzonders met me gebeurd was. Wat ik eigenlijk de volgende ochtend pas goed ontdekte.

Ik doe sinds enige tijd bij het wakker worden de oefening van Maarten Houtman voor de energie-circulatie. Ik voel de noodzaak ervan steeds sterker, nu ik mijn hooggespannen verwachtingen erover heb getemperd. Onder het beluisteren van de instructie op mijn mp3-speler heb ik soms moeite m'n aandacht erbij te houden en ik val regelmatig in slaap.
Maar die ochtend was het totaal anders: ik was helder, m'n lichaam voelde heel erg aanwezig en het was alsof ik vanbinnen de energiebanen voelde liggen. Die 'totale aanwezigheid' van echte aandacht blijkt een kwestie van - letterlijk - aanwezig zijn met huid en haar, in hart en nieren ...

Hoe het uiteindelijk mogelijk is dat, in samenspraak met een video, een dergelijke intensiteit van aandacht kan ontstaan, zal wel een raadsel blijven. Sommigen hebben het bij het bekijken van een kunstwerk of bij het beluisteren van toespraken van Maarten - die ook van een intensiteit zijn dat je soms aan een paar zinnen al genoeg hebt om verder te kunnen ...

De muziek van de afgelopen week - waar dit allemaal mee begon - was in januari 2016 al eens langs geweest op dit blog, zie: Kudsi Erguner - Vals


zaterdag 21 oktober 2017

Vaag ...

Deze week heb ik me door de schilderkunst bewogen, van de Realisten (Herman Berserik in MORE in Gorssel) naar de Symbolisten (Matthijs Maris in het Rijksmuseum).
Ik wilde er in dit kader (muziek...) toch het een en ander over kwijt – en werd precies op dat moment op Facebook door Klaaske getagd met deze uitspraak van Inayat Khan:
One day, music will take its rightful place
as the true religion of mankind.
Godzijdank! Dat heeft mij en u als lezer voor veel ellende bespaard... Want, we kunnen er niet omheen, muziek verbindt ('religio') waar het oog ons vaak scheidt.

Dat zal ook de reden geweest zijn dat de vormen bij Matthijs Maris in de loop van zijn leven steeds meer gingen vervagen: wars geworden van de uiterlijke wereld, wilde hij de innerlijke wereld verbeelden. Voorwaar geen geringe opgave. Ook letterlijk! In het Rijks hangt een portret van twee kinderen van een vriend in Londen, waar hij woonde. Hij heeft het drieëndertig keer overgeschilderd voordat hij tevreden was. Die kinderen waren toen allang volwassen...
Het resultaat is hoe dan ook wel een fascinerende, bezielde afbeelding als de onderstaande – waaruit bijna alle contouren en kleuren verdwenen zijn.


Matthijs Maris - Vrouwenhoofd ('Extase'), 1894/98-1906
Zwart krijt en houtskool op papier, 50x34 cm.
Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam

[klik om te vergroten]

Dat vervagen (fade away, zoals in dat liedje over oude soldaten die nooit sterven) als expressiemiddel om de gekende wereld ('realiteit') achter je te laten, ging bij Maris gepaard met kluizenaarschap. Hoe kan het ook anders.
Daarbij kwam een passage van Maarten Houtman in m'n gedachten, die precies om dit thema draait:
Dat is een van de moeilijkste dingen
om, als je ervaart, het open te laten.
Want je denken wil onmiddellijk classificeren,
onmiddellijk thuisbrengen in de benoemde wereld.
Betekent dat dat je vaag wordt?
Nee, nee, allerminst.
Het betekent wel dat je weet waar je mee bezig bent.
Dat je al die waarden, al die regels,
al die geweten dingen laat waar ze thuishoren.
Dat je beseft
dat je voor een totaal onbekend wezen staat,
dat wel jouw naam heeft
en wel jouw kennis heeft,
maar waar je eigenlijk nog totaal niets van weet.
De enige verbinding die je hebt
is jouw ervaring – mits die ervaring
niet al bij voorbaat afgeknepen is
door wat je denkt, weet en benoemd hebt.

Uit: Je kunt er nog geen theeblaadje voor kopen. Tao-zen sessie 30 juni - 7 juli 1989, inleiding zondagmorgen.
Dromend naar de wereld kijken – dat hoor je ook in 'Vague', het nummer van Anouar Brahem waar we op probeerden te shaken.
Op het album Le voyage de Sahar (september 2013) worden twee van Brahem's meest gevraagde nummers: “Vague” and “E la nave va”, samengesmolten tot een zangerig, weemoedig geheel, gedragen door drie fantastische musici: naast Brahem op oud,  François Couturier, piano en Jean-Louis Matinier, accordeon.
In bijgaande video wordt de muziek samengesmeed met prachtige beelden, echt iets om even bij weg te dromen.


Als je trouwens eens goed naar hem wilt kijken, hier een sterportret dat ECM records van deze kleine grote man liet maken (bepaald geen vage figuur... ):

[klik om te vergroten]






Vaag ...

Deze week heb ik me door de schilderkunst bewogen, van de Realisten (Herman Berserik in MORE in Gorssel) naar de Symbolisten (Matthijs Maris in het Rijksmuseum).
Ik wilde er in dit kader (muziek...) toch het een en ander over kwijt – en werd precies op dat moment op Facebook door Klaaske getagd met deze uitspraak van Inayat Khan:
One day, music will take its rightful place
as the true religion of mankind.
Godzijdank! Dat heeft mij en u als lezer voor veel ellende bespaard... Want, we kunnen er niet omheen, muziek verbindt ('religio') waar het oog ons vaak scheidt.

Dat zal ook de reden geweest zijn dat de vormen bij Matthijs Maris in de loop van zijn leven steeds meer gingen vervagen: wars geworden van de uiterlijke wereld, wilde hij de innerlijke wereld verbeelden. Voorwaar geen geringe opgave. Ook letterlijk! In het Rijks hangt een portret van twee kinderen van een vriend in Londen, waar hij woonde. Hij heeft het drieëndertig keer overgeschilderd voordat hij tevreden was. Die kinderen waren toen allang volwassen...
Het resultaat is hoe dan ook wel een fascinerende, bezielde afbeelding als de onderstaande – waaruit bijna alle contouren en kleuren verdwenen zijn.


Matthijs Maris - Vrouwenhoofd ('Extase'), 1894/98-1906
Zwart krijt en houtskool op papier, 50x34 cm.
Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam

[klik om te vergroten]

Dat vervagen (fade away, zoals in dat liedje over oude soldaten die nooit sterven) als expressiemiddel om de gekende wereld ('realiteit') achter je te laten, ging bij Maris gepaard met kluizenaarschap. Hoe kan het ook anders.
Daarbij kwam een passage van Maarten Houtman in m'n gedachten, die precies om dit thema draait:
Dat is een van de moeilijkste dingen
om, als je ervaart, het open te laten.
Want je denken wil onmiddellijk classificeren,
onmiddellijk thuisbrengen in de benoemde wereld.
Betekent dat dat je vaag wordt?
Nee, nee, allerminst.
Het betekent wel dat je weet waar je mee bezig bent.
Dat je al die waarden, al die regels,
al die geweten dingen laat waar ze thuishoren.
Dat je beseft
dat je voor een totaal onbekend wezen staat,
dat wel jouw naam heeft
en wel jouw kennis heeft,
maar waar je eigenlijk nog totaal niets van weet.
De enige verbinding die je hebt
is jouw ervaring – mits die ervaring
niet al bij voorbaat afgeknepen is
door wat je denkt, weet en benoemd hebt.

Uit: Je kunt er nog geen theeblaadje voor kopen. Tao-zen sessie 30 juni - 7 juli 1989, inleiding zondagmorgen.
Dromend naar de wereld kijken – dat hoor je ook in 'Vague', het nummer van Anouar Brahem waar we op probeerden te shaken.
Op het album Le voyage de Sahar (september 2013) worden twee van Brahem's meest gevraagde nummers: “Vague” and “E la nave va”, samengesmolten tot een zangerig, weemoedig geheel, gedragen door drie fantastische musici: naast Brahem op oud,  François Couturier, piano en Jean-Louis Matinier, accordeon.
In bijgaande video wordt de muziek samengesmeed met prachtige beelden, echt iets om even bij weg te dromen.


Als je trouwens eens goed naar hem wilt kijken, hier een sterportret dat ECM records van deze kleine grote man liet maken (bepaald geen vage figuur... ):

[klik om te vergroten]






donderdag 21 september 2017

Je onbewuste toelaten ...

'Hoe kom je toch bij datgene waarvan je weet dat het er is, maar waar je toch met je verstand niet bij kunt,' zo vroegen we ons gisteravond in de huiskamergroep een beetje wanhopig af.
Diana citeerde tijdens het gesprek de laatste versregel van 'Eb' van Vasalis:
Er is geen tijd. Of is er niets dan tijd?
Thuisgekomen trof ik onderstaande tekst van Maarten Houtman aan - je moet maar geluk hebben - die het probleem nog eens heel helder stelt: "Het onbewuste toelaten, wat al zoveel duizenden jaren met je meegereisd is, maar dat je telkens weer vergeet."

En natuurlijk hielp ook 'Laughing drums', de vrolijke muziek van Osho's Dynamische Meditatie, nog een handje ...

Je onbewuste toelaten ... 
Zoals we hier zijn
hebben we ons natuurlijk vaak afgevraagd
hoe het komt dat we, ondanks alle inspanning,
verdeeld blijven in het leven;
hoe telkens weer iets ons zo in beslag neemt
dat we niet bij onszelf kunnen blijven;
hoe we ongemerkt onze basis verlaten,
meegezogen worden in wat zich voordoet.
We hebben gehoord over allerlei methoden
om te ‘ontsnappen’ aan die verdeeldheid –
ik denk dat we ons daarmee
in een uitzichtsloze positie begeven.
Je kunt ongetwijfeld voor korte of langere tijd
in je basis zijn.
Maar zonder dat we dat beseffen
hebben we toch het gevoel
dat het denken-voelen van hulp kan zijn.
Dat is een heel onopgemerkte notie –
al ons leven heeft zich ook afgespeeld
in het gebied van het denken-voelen.
Wil je daar op een vriendelijke manier,
zonder inspanning, afscheid van nemen,
dan is het nodig onvoorwaardelijk in te zien
dat het voelen-denken van het tijdelijke is:
dat wat zich alleen maar bewust is
van verandering in de tijd
en wat niet buiten de tijd kan gaan. 
De tijd als faculteit van ons bewustzijn
is voor ons iets onbereikbaars.
In welke beweging we ook zijn,
zelfs in een religieuze vervoering
zijn we in de tijd.
De tijd heeft een ‘voor’ en een ‘achter’
en kan niet stil zijn.
De tijd is het filmdoek
waarop onze avonturen bewegen;
als het doek van de tijd verdwijnt
zijn onze avonturen onzichtbaar.
Juist omdat het
een faculteit is van ons bewustzijn
kunnen we er niet bij komen,
wat we ook doen – we hebben daarvoor
iets in onszelf nodig dat niet vastzit
aan die tijdsdimensie van ons bewustzijn.
Merkwaardig genoeg is dat iets heel simpels:
de verbinding die ons lichaam heeft
met het tijdloze.
Die verbinding is voor ons bereikbaar
als we afzien van alle voorstadia waar we,
jammergenoeg, meestal in blijven steken.
In het doen is die tijdloze basis
in een tijdgebonden lichaam
onmiddellijk bereikbaar
als je je daarin neerlaat.
Dat is het enige wat nodig is:
je neerlaten in die basis –
en dat te ervaren, niet meer.
Wat er meestal gebeurt is dat we
dan iets opbouwen vanuit die ervaring,
en daaruit ontstaan vele systemen.
Maar het eigenlijke is, simpel,
een je neerlaten in de tijdloze basis
in je tijdgebonden lichaam.
Dat is een paradox – maar het is gewoon zo.
Het betekent dat je lichaam zelf op dat ogenblik
geen aandacht meer hoeft te vragen;
vandaar al die aanbevelingen
om ontspannen te zijn, dat je alles toelaat
wat zich voordoet in je bewustzijn.
Want je kunt je alleen maar neerlaten
in de volstrekte ontspanning,
zó, dat je adem z’n eigen ritme kan aanhouden.
Dat is een simpele mededeling,
maar het blijkt voor ons ingewikkeld te zijn
om die adem z’n eigen ritme te laten volgen.
Die is niet bij voorbaat regelmatig,
het kan soms lang zijn, en soms kort.
En dat je daar niets aan doet, ook niet
aan de gedachten die door je heen gaan
en de geluiden van buiten.
Dat alles zijn eigen weg kan gaan.
Het merkwaardige is dan,
dat dat gebruikelijke, onrustige,
heen en weer gaande van je denken-voelen
net als een grondnevel
in de koestering van het onmetelijke optrekt
en je alleen achterlaat –
zoals je ’s ochtends wel eens hebt kunnen zien.
Alles wat van de tijd is kan daar gemakkelijk in:
een ruimte die onmetelijk is,
waar de beweging, de onrust en de verdeeldheid
moeiteloos in verdwijnen,
zonder inspanning.
Het enige wat van je gevraagd wordt
is om – niet omdat ik het zeg – in te zien
dat het denken-voelen van de tijd is,
ondanks dat je daar je hele leven in doorbrengt.
En dat je je kunt toevertrouwen
aan die vergeten verbinding in je lichaam,
dat tijdgebonden is,
en toch het aanhechtingspunt is met het tijdloze.
Dat betekent dat je het onbewuste toelaat,
wat voor ons zo vaak een bedreiging is.
Het is geen bedreiging,
het is het vergeten deel van jezelf
dat al zolang, duizenden jaren,
met je meegereisd is,
en dat je telkens weer vergeet
als je op aarde jezelf verwerkelijkt.
Waar alle conflicten inzitten,
alle veroveringen, alle geweldige dingen,
en de vooruitgang…
die is daarin, en niet in het bewuste.
Het is dus een kleine stap, zonder inspanning.
Het gaat er alleen om dat je het doet
omdat je je herinnert van waar je bent,
ook nu, zoals je hier bent –
al ben je opgenomen
in een door jouw gedachte toekomst
en een door jou ervaren verleden,
toch ben je van een tijdloze werkelijkheid,
in de allereerste plaats –
ook al heb je zelf het gevoel
van iets wat ver weg is.
Het is de schoonheid van meditatie
dat je dat kunt ervaren.
Als je dan maar niet ervan verwacht
dat plotseling alle hindernissen in het leven
van je afgenomen worden, nee,
al je eigenaardigheden en al je gebreken
zijn er nog steeds. Tegelijkertijd
is er dat besef van dat totaal andere
waarvan je bent,
wat alles wat hier in de tijd scheef zit
weer in evenwicht brengt –
zonder jouw inspanning.
Ik denk dat als je dit rustig beseft
daaruit een grote vrede voortkomt –
die weliswaar verstoord kan worden,
waardoor je weer verloren raakt in de tijd.
Maar je weet dat die er is,
dat je je daaraan kunt toevertrouwen
als een kind dat gaat slapen.
Maarten Houtman
Sterrelaan-sessies '92-'93
22 februari 1993


Laughing Drums - Typhoon


Je onbewuste toelaten ...

'Hoe kom je toch bij datgene waarvan je weet dat het er is, maar waar je toch met je verstand niet bij kunt,' zo vroegen we ons gisteravond in de huiskamergroep een beetje wanhopig af.
Diana citeerde tijdens het gesprek de laatste versregel van 'Eb' van Vasalis:
Er is geen tijd. Of is er niets dan tijd?
Thuisgekomen trof ik onderstaande tekst van Maarten Houtman aan - je moet maar geluk hebben - die het probleem nog eens heel helder stelt: "Het onbewuste toelaten, wat al zoveel duizenden jaren met je meegereisd is, maar dat je telkens weer vergeet."

En natuurlijk hielp ook 'Laughing drums', de vrolijke muziek van Osho's Dynamische Meditatie, nog een handje ...

Je onbewuste toelaten ... 
Zoals we hier zijn
hebben we ons natuurlijk vaak afgevraagd
hoe het komt dat we, ondanks alle inspanning,
verdeeld blijven in het leven;
hoe telkens weer iets ons zo in beslag neemt
dat we niet bij onszelf kunnen blijven;
hoe we ongemerkt onze basis verlaten,
meegezogen worden in wat zich voordoet.
We hebben gehoord over allerlei methoden
om te ‘ontsnappen’ aan die verdeeldheid –
ik denk dat we ons daarmee
in een uitzichtsloze positie begeven.
Je kunt ongetwijfeld voor korte of langere tijd
in je basis zijn.
Maar zonder dat we dat beseffen
hebben we toch het gevoel
dat het denken-voelen van hulp kan zijn.
Dat is een heel onopgemerkte notie –
al ons leven heeft zich ook afgespeeld
in het gebied van het denken-voelen.
Wil je daar op een vriendelijke manier,
zonder inspanning, afscheid van nemen,
dan is het nodig onvoorwaardelijk in te zien
dat het voelen-denken van het tijdelijke is:
dat wat zich alleen maar bewust is
van verandering in de tijd
en wat niet buiten de tijd kan gaan. 
De tijd als faculteit van ons bewustzijn
is voor ons iets onbereikbaars.
In welke beweging we ook zijn,
zelfs in een religieuze vervoering
zijn we in de tijd.
De tijd heeft een ‘voor’ en een ‘achter’
en kan niet stil zijn.
De tijd is het filmdoek
waarop onze avonturen bewegen;
als het doek van de tijd verdwijnt
zijn onze avonturen onzichtbaar.
Juist omdat het
een faculteit is van ons bewustzijn
kunnen we er niet bij komen,
wat we ook doen – we hebben daarvoor
iets in onszelf nodig dat niet vastzit
aan die tijdsdimensie van ons bewustzijn.
Merkwaardig genoeg is dat iets heel simpels:
de verbinding die ons lichaam heeft
met het tijdloze.
Die verbinding is voor ons bereikbaar
als we afzien van alle voorstadia waar we,
jammergenoeg, meestal in blijven steken.
In het doen is die tijdloze basis
in een tijdgebonden lichaam
onmiddellijk bereikbaar
als je je daarin neerlaat.
Dat is het enige wat nodig is:
je neerlaten in die basis –
en dat te ervaren, niet meer.
Wat er meestal gebeurt is dat we
dan iets opbouwen vanuit die ervaring,
en daaruit ontstaan vele systemen.
Maar het eigenlijke is, simpel,
een je neerlaten in de tijdloze basis
in je tijdgebonden lichaam.
Dat is een paradox – maar het is gewoon zo.
Het betekent dat je lichaam zelf op dat ogenblik
geen aandacht meer hoeft te vragen;
vandaar al die aanbevelingen
om ontspannen te zijn, dat je alles toelaat
wat zich voordoet in je bewustzijn.
Want je kunt je alleen maar neerlaten
in de volstrekte ontspanning,
zó, dat je adem z’n eigen ritme kan aanhouden.
Dat is een simpele mededeling,
maar het blijkt voor ons ingewikkeld te zijn
om die adem z’n eigen ritme te laten volgen.
Die is niet bij voorbaat regelmatig,
het kan soms lang zijn, en soms kort.
En dat je daar niets aan doet, ook niet
aan de gedachten die door je heen gaan
en de geluiden van buiten.
Dat alles zijn eigen weg kan gaan.
Het merkwaardige is dan,
dat dat gebruikelijke, onrustige,
heen en weer gaande van je denken-voelen
net als een grondnevel
in de koestering van het onmetelijke optrekt
en je alleen achterlaat –
zoals je ’s ochtends wel eens hebt kunnen zien.
Alles wat van de tijd is kan daar gemakkelijk in:
een ruimte die onmetelijk is,
waar de beweging, de onrust en de verdeeldheid
moeiteloos in verdwijnen,
zonder inspanning.
Het enige wat van je gevraagd wordt
is om – niet omdat ik het zeg – in te zien
dat het denken-voelen van de tijd is,
ondanks dat je daar je hele leven in doorbrengt.
En dat je je kunt toevertrouwen
aan die vergeten verbinding in je lichaam,
dat tijdgebonden is,
en toch het aanhechtingspunt is met het tijdloze.
Dat betekent dat je het onbewuste toelaat,
wat voor ons zo vaak een bedreiging is.
Het is geen bedreiging,
het is het vergeten deel van jezelf
dat al zolang, duizenden jaren,
met je meegereisd is,
en dat je telkens weer vergeet
als je op aarde jezelf verwerkelijkt.
Waar alle conflicten inzitten,
alle veroveringen, alle geweldige dingen,
en de vooruitgang…
die is daarin, en niet in het bewuste.
Het is dus een kleine stap, zonder inspanning.
Het gaat er alleen om dat je het doet
omdat je je herinnert van waar je bent,
ook nu, zoals je hier bent –
al ben je opgenomen
in een door jouw gedachte toekomst
en een door jou ervaren verleden,
toch ben je van een tijdloze werkelijkheid,
in de allereerste plaats –
ook al heb je zelf het gevoel
van iets wat ver weg is.
Het is de schoonheid van meditatie
dat je dat kunt ervaren.
Als je dan maar niet ervan verwacht
dat plotseling alle hindernissen in het leven
van je afgenomen worden, nee,
al je eigenaardigheden en al je gebreken
zijn er nog steeds. Tegelijkertijd
is er dat besef van dat totaal andere
waarvan je bent,
wat alles wat hier in de tijd scheef zit
weer in evenwicht brengt –
zonder jouw inspanning.
Ik denk dat als je dit rustig beseft
daaruit een grote vrede voortkomt –
die weliswaar verstoord kan worden,
waardoor je weer verloren raakt in de tijd.
Maar je weet dat die er is,
dat je je daaraan kunt toevertrouwen
als een kind dat gaat slapen.
Maarten Houtman
Sterrelaan-sessies '92-'93
22 februari 1993


Laughing Drums - Typhoon