Rond de Perzische Golf geldt al eeuwen: wie de Straat van Hormuz beheerst, beheerst de regio

ACHTERGROND

Hugo Schiffers

Gepubliceerd op 14 april 2026

Geschiedenis van zeestraat Al honderden jaren is de Straat van Hormuz een knooppunt in de wereldhandel. Landen in de regio en handelsnaties weten dat wie de zeestraat weet te blokkeren, een effectief wapen in handen heeft. Zelfs Nederland hanteerde dit machtsmiddel. 

Toen The New York Times in 1975 aan de Iraanse sjah Mohammed Reza Pahlavi vroeg waarom hij een troepenmacht naar Oman, aan de overkant van de Straat van Hormuz, had gestuurd, wees hij op het cruciale belang van deze zeeweg. 

De sultan van Oman had hulp nodig om een marxistische opstand de kop in te drukken. Die wilde Pahlavi maar al te graag geven. „Stel je eens voor dat die wilden de andere kant van de Straat van Hormuz in handen krijgen”, aldus de sjah. „Ons leven hangt daarvan af.”

De Amerikaanse president Donald Trump realiseert het zich nu pas. Maar de sjah zei wat al eeuwen bekend is: wie de Straat van Hormuz beheerst, beheerst de regio. 

Door de zeestraat af te sluiten treden de Iraniërs – en nu ook de Amerikanen – in de voetsporen van onder meer Portugese conquistadors, de Verenigde Oost-Indische Compagnie en het Irak van Saddam Hussein.

De Straat van Hormuz was altijd al een knooppunt in de wereldhandel. Land- en zeeroutes tussen Azië, Afrika en Europa komen er samen. Wie daar tol weet te heffen, loopt binnen. 

Vanaf de elfde eeuw na Christus waren dat de inwoners van de havenstad Hormuz, gelegen aan wat nu de Iraanse zijde van de zeestraat is. Hormuz wist door zijn gunstige ligging uit te groeien tot een koninkrijkje. Marco Polo deed het eind dertiende eeuw aan tijdens zijn reis naar China en keek er zijn ogen uit. Het klimaat vond hij moordend en de lokale scheepsbouw stelde volgens hem weinig voor. Maar de wijn was er lekker. En bovenal was er de handel: in zijn reisverslag schrijft de ontdekkingsreiziger vol ontzag over „schepen volgeladen met specerijen en edelstenen, parels, zijden en gouden stoffen, olifantentanden en vele andere waren”. 

Niet voor niets doopten de Arabieren Hormuz „de edelsteen in de gouden ring van de wereld” en koos John Milton er voor om in Paradise Lost (1667) de troon van de duivel te beschrijven als een zetel die zelfs „de rijkdom van Ormus voorbijstreeft”.

Illustratie uit circa 1540 uit een Portugees geschrift. Het toont een Portugees huishouden aan het diner. Het huis is onder water gezet om het koel te houden.

Rots in de zee

Het koninkrijk van Hormuz verloor begin zestiende eeuw zijn onafhankelijkheid aan de Portugezen. Nadat admiraal Afonso de Albuquerque in 1510 het Indiase Goa veroverde − en zo de basis legde voor het Portugese rijk in Azië − richtte hij zich op het veiligstellen van de handelsroutes tussen Portugal en de nieuwe overzeese gebieden. 

Hormuz was hierbij een onmisbare schakel. Het koninkrijk was inmiddels verplaatst van de Iraanse kust naar een rotsachtig eilandje in de zeestraat zelf, dat nog altijd bekendstaat als Hormuz-eiland. Alburquerque wist dit met zo’n vijfhonderd soldaten te veroveren, waarna ze van Hormuz een vazalstaat maakten. De overblijfselen van het fort dat Albuquerque liet bouwen zijn nog steeds te vinden op de noordkaap van het eiland.   

De Portugezen hanteerden een soortgelijke strategie als de Iraanse Revolutionaire Garde afgelopen weken probeerde toe te passen met mijnen, drones en raketten. Vanuit Hormuz en andere kustplaatsen aan de Indische Oceaan hieven de conquistadors tol op schepen. Wie niet betaalde, kon door Portugese patrouilleschepen tot zinken worden gebracht.

Schepen voor Gamron (tegenwoordig de Iraanse kuststad Bandar Abbas) . Tekening van Peter Schenk uit 1710
FOTO ULLSTEIN BILD VIA GETTY IMAGES

Dit leidde tot verzet van opkomende machten zoals Engeland en de Republiek. De Engelsen en Nederlanders begonnen zelf Portugese schepen aan te vallen. Bekendst is de Nederlandse kaping van het Portugese koopvaardijschip de Santa Catarina in 1603 in de Straat van Malakka.

Mare Liberum

Het incident met de Santa Catarina leidde internationaal tot grote verontwaardiging. Ook binnen de VOC zelf vroegen aandeelhouders zich af of de compagnie niet buiten zijn boekje was gegaan. 

Zalvende woorden kwamen van een jong juridisch talent uit Delft. Hugo de Groot schreef in opdracht van de VOC zijn Mare Liberum (ofwel Vrije Zee), waarin hij betoogde dat de zee van iedereen is en dus vrij toegankelijk moet zijn voor alle landen om handel te drijven. Door andere landen dit recht te ontzeggen, maakten de Portugezen zichzelf tot een legitiem doelwit voor tegenmaatregelen.

De redenering van De Groot – die de basis zou vormen van het moderne internationale zeerecht – wordt vierhonderd jaar na dato nog gebruikt om de Iraanse blokkade van de Straat van Hormuz te veroordelen. 

De VOC loste handelsdisputen met de sjah op door de Straat van Hormuz te blokkeren

Inmiddels was de macht van de Portugezen tanende. In 1622 zag sjah Abbas I van Perzië zijn kans schoon om Hormuz-eiland te veroveren. Omdat de sjah niet over een eigen vloot beschikte, wendde hij zich tot zowel de Engelsen als de Nederlanders voor de nodige schepen. 

Beide landen wisten hier de vruchten van te plukken. De Nederlanders groeiden in de zeventiende eeuw uit tot de dominante zeemacht in de Golf en waren eeuwlang de belangrijkste handelspartner van de Perzen. Handelsdisputen met de sjah loste de VOC op door de Straat van Hormuz te blokkeren − waarbij het werk van Hugo de Groot voor het gemak werd vergeten.

Tankeroorlog in de Golf

In 1908 vonden de Britten olie in Iran. Die vondst veranderde het Midden-Oosten voorgoed − en daarmee ook de Straat van Hormuz. Binnen enkele jaren legden de Britten met toestemming van de Iraanse sjah tweehonderd kilometer aan oliepijpleiding aan die uitmondde bij de Perzische Golf.

Hormuz, al eeuwenlang de brug tussen Oost en West, werd zo ook de aanvoerroute voor de brandstof van de twintigste eeuw. De impact van blokkades van de zeestraat was voortaan wereldwijd te merken. Het Verenigd Koninkrijk blokkeerde begin jaren vijftig de Straat van Hormuz nadat de Iraanse premier Mohammad Mossadegh de olie-industrie, die grotendeels eigendom was van de Britse staat, nationaliseerde.

Een tanker staat in brand in de Straat van Hormuz tijdens de Iran-Irak-oorlog, december 1987.
ROGER VIOLLET VIA GETTY IMAGES

De huidige sluiting van de Straat heeft misschien nog wel het meeste weg van een episode tijdens de Iran-Irak oorlog (1980-1988). Toen de strijd op het land verzandde in een patstelling, besloot de Iraakse president Saddam Hussein een tweede front te openen in de Perzische Golf. Met luchtaanvallen en mijnen viel hij Iraanse tankers aan rond het eiland Kharg, dat ook toen al cruciaal was voor de Iraanse olie-industrie.

Iran sloeg terug door schepen met bestemming Irak en diens bondgenoten in de Golf aan te vallen. Het was het begin van wat de „Tankeroorlog” is gaan heten. Op verzoek van Iraks bondgenoot Koeweit begon de Amerikaanse marine in 1987 met het escorteren van schepen door de Straat van Hormuz.

Nederland en andere bondgenoten van de Verenigde Staten stuurden mijnenjagers naar de regio. De missie verliep moeizaam: de Iraniërs bleken sneller mijnen te kunnen leggen dan de internationale coalitie ze kon opruimen. 

Straat van Hormuz

Metamorfoses in het Rijksmuseum

Nu chaos door onze straten waart,
voortdurend om aandacht vraagt,
rusten we in de schone kunsten:
daar waar de diepte van ervaren
je verlost van de waan van de dag
.

Op schoonheid is het veilig varen,
de wind van Aphrodite in de rug,
door de nauwte van verwachting
langs de kusten van de bevrienden
op weg naar de hemelse havens –

into the forgotten Heavens of Love.

AFBEELDINGEN VERGROTEN DOOR TE KLIKKEN RECHTSBOVEN


 
 Met gespannen nek en naar voren gerichte horens - herinnerend aan zijn gedaante als stier - kijkt Jupiter (Zeus) ons indringend aan. Zijn kracht en dreiging krijgen hier een verrassende gestalte: het lichaam van de kunstenaar zelf. Mntambo goot haar eigen vrouwelijke vorm in brons af en laat man en vrouw, mens en dier, Afrikaans en westers, verleden en heden samen-vloeien. Zo buigt ze de klassieke beeldtaal .
”Chaos toont G.F. Watts' visie op het begin van de aarde en de tijd. Links kruipen figuren onder rotsen vandaan en komen uit het vuur tevoorschijn. In het midden glijdt een enorme figuur uit het water omhoog en beweegt zich naar een groep liggende reuzen. Onder de reuzen symboliseert een spoor van kleine mensen in klassieke gewaden de maatstaf van de gewone menselijke tijd tegenover de kosmische en geologische tijd.
Watts illustreerde niet de scheppingsmythe van één enkele cultuur. In plaats daarvan toonde hij zijn eigen ideeën over orde en tijd aan het begin van de wereld. Hij beschouwde het als het 'eerste hoofdstuk' van een reeks schilderijen die hij 'Het Huis van het Leven' noemde. In deze serie wilde hij de oorsprong van het universum, het verloop van de geschiedenis en het menselijk leven laten zien. Watts maakte gipsen schetsen van de figuren links van Chaos om als modellen te gebruiken, en veel van de figuren keren terug in andere schilderijen.”
“In Aristophanes' komedie De Vogels waren er eerst Chaos, Nacht, Erebus en Tartarus. Uit de Nacht kwam Eros voort, en uit Eros en Chaos ontstond het vogelgeslacht.
Eerst legde de zwartgevleugelde Nacht een kiemloos ei in de schoot van de oneindige diepten van Erebus, en hieruit, na een lange omwenteling der eeuwen, ontsproot de sierlijke Eros met zijn glinsterende gouden vleugels, snel als de wervelwinden van de storm. Hij paarde in de diepe Tartarus met de donkere Chaos, die net als hijzelf vleugels had, en zo broedde ons geslacht uit, dat als eerste het licht zag. Dat van de Onsterfelijken bestond pas toen Eros alle ingrediënten van de wereld had samengebracht, en uit hun huwelijk ontstonden Hemel, Oceaan, Aarde en het onvergankelijke geslacht van gezegende goden. Zo is onze oorsprong veel ouder dan die van de bewoners van de Olympus. Wij [vogels] zijn de nakomelingen van Eros; daar zijn duizend bewijzen voor. Wij hebben vleugels en wij staan ​​geliefden bij. Hoeveel knappe jongemannen, die hadden gezworen ongevoelig te blijven, hebben hun benen gespreid vanwege onze macht en zich overgegeven aan hun geliefden, bijna aan het einde van hun jeugd, meegesleept door de gave van een kwartel, een watervogel, een gans of een haan.”
Wikipedia
Uit een stroperige massa lijkt een mens te ontstaan.
In Rodins La Terre maakt de oermens zich uit vormeloze materie los - of zakt hij erin terug? De figuur is onaf, meer torso dan mens. Het ruwe gips benadrukt dat onvoltooide karakter: een schepping in wording, alsof de wereld nog maar net begonnen is.
Diezelfde dag bracht de Paus een ‘kort maar betekenisvol bezoek’ aan de Grote Moskee van Algiers.
CHANSON D'ADIEU

Wie veel begrepen heeft, kan veel vergeven;
hem trekt de ruimte, die gelukkig maakt,
wanneer hij, met zichzelf alleen gebleven,
in een stil ogenblik balans opmaakt
van dit kaleidoscopisch boeiend leven
naar welks geheim hij onvermoeibaar haakt.
Wie veel begrepen heeft, kan veel vergeven,
en ondanks alles, wat zijn doel niet raakt,
voelt hij in groot verband zich opgeheven,
van al wat klein en zielig is verdreven,
dat van hemzelf niet langer deel uitmaakt;
niets menschelijks is hem vreemd gebleven.
Wie veel begrijpen kan, zal veel vergeven.
Jacoba Eggink, uit: ‘Kyrie Eleison’.
Metamorphoses is tot en met 25 mei te zien in het Rijksmuseum.

Bovenaan: satellietfoto van de Straat van Hormuz, een van 's werelds meest strategische maritieme knelpunten. 
Deze smalle zeestraat verbindt de Perzische Golf met de Golf van Oman en de Arabische Zee. 
Op het smalste punt is de zeestraat ongeveer 33 tot 39 kilometer breed. 
Het is een vitale handelsroute waar dagelijks ongeveer 20% van de wereldwijde olie- en gasvoorziening doorheen wordt vervoerd. 
De noordkust wordt begrensd door Iran, terwijl de zuidkust wordt gevormd door de Verenigde Arabische Emiraten en het Musandam-schiereiland van Oman. 


Meer Metamorfosen op ShakingLife.nl

All in One

Het begon allemaal met het verdwijnen van mijn bankpasje, na het afrekenen bij de Multivlaai: met een flipperende beweging schoot hij uit m’n hand en verdween om onnaspeurbare redenen, vermoedelijk ergens tussen de chocoladerepen  en de schotten van de toonbank. Hij bleek totaal verdwenen… 
Personeel zocht op de grond, gebruikte lange messen tussen de schotten – niets te vinden. We spraken af de volgende dag terug te komen, omdat de eigenaar de schotten kon demonteren.
Maar toen ik ze die ochtend belde, bleek hij h’m al gevonden te hebben… Na een check of het de juiste pas was, konden we hem komen ophalen.
 Een tweede verhaallijn is, dat op een dag de cassettes van onze Canon printer spoorloos verdwenen waren – om nooit meer teruggevonden te worden, ze zaten ‘gewoon’ niet meer in het apparaat.
Hoewel het een raadsel bleef en ik vervolgens onze handtekening onder de belastingaangifte 2025 met m’n iPhone moest ‘scannen’ om ze aan Ellen Rouendaal door te geven, legden we ons er al gauw bij neer: het was een oud beestje, dat zich, na het verblijf op mijn studio, nooit in het netwerk hier had weten aan te passen.
Klaaske had bij de Media Markt intussen een geschikte opvolger gezien, dus ik toogde erheen om hem aan te schaffen. Daar werd mij toen een andere HP All-in-One aangeraden, met inktflesjes – die ook de keuze van de Consumentenbond bleek te zijn. Toen die hier met enige moeite door DHL was afgeleverd, gingen we aan de slag – maar dat was buiten de waard gerekend…
Er waren zoveel beschermstukjes, dat we er één over het hoofd hadden gezien. En de netwerkverbinding lukte ook niet. Toen het inwendige mechanisme ook nog eens vast kwam te zitten, hebben we het apparaat in onze grootste AH-boodschappentas laten glijden, om hem ter reparatie in te leveren.
Dat zag er zo uit:
Sjouwpauze ter hoogte van Het Schouw – maar dit was al weer op de terugweg…
 Aan de reparatie balie van de Media Markt bleek een wonderdokter te zitten, een jonge man, die met vlugge vingers de storingstoetsen bediende – en zag dat wij de e-cassettes niet goed hadden aangebracht.
Opnieuw bezorgen was er helaas niet bij, dus daar liepen we weer… Hier ter hoogte van onze wekelijkse Tai chi.
Maar we hadden vooraf wel eerst mijn verloren gewaande pasje opgehaald bij de ‘vlaaienboer’ – zoals we het vergaderadres van onze Stichting ‘Zen als leefwijze’ met Rien en Aloys oneerbiedig noemen.

Maar denk niet dat ik toen uitgespeeld was…

Ik ging nadien nog op weg naar Emilie, om afspraken te maken voor ons bezoek aan ‘Metamorfosen’ in het Rijksmuseum van komende maandag…

Dat is het derde verhaal op die bewuste zaterdag de 11e april…
Ik begin er maar mee hoe het eindigde: Emilie was niet thuis…

‘Huis clos’ – à la Jean Paul Sartre, de huisfilosoof van mijn geliefde vakantiebestemming Frankrijk – waar ik recent nog aan herinnerd werd door mijn van oorsprong Franse chiropraktiker Lise Rodero, waar ik nu nog twee behandelingen tegoed heb.

Dus daar stond ik dan voor no. 31 – terwijl mijn bus 37 zwaar omgeleid was vanwege een ontspoorde tram 25, en niet meer terug te vinden was dus.

Ik besloot een taxi te nemen, als laatste redmiddel. Ik belde de taxicentrale en die zeiden dat het tien minuten zou duren.
En mijn aardige Marokkaanse chauffeur was inderdaad op tijd, ik stapte bij hem voorin. Onderweg spraken we over koetjes en kalfjes – hoewel dan wel wat stadser. Natuurlijk over het verkeer, ik over mijn oude auto – waar nu een taxichauffeur in reed. En toen over de alom aanwezige internet verslaving – waarbij ik mezelf niet onvermeld liet.
Hoewel mijn chauffeur natuurlijk op de Tom Tom keek, leek hij in Noord goed de weg te kennen.
Bij de Elpermeer aangekomen, wilde ik met een briefje van vijftig betalen – maar mijn portemonnee bleek leeg. Toen toch maar dat pasje. En heel even leek het of het niet zou lukken…
Naderhand kreeg ik een bericht van mijn bank, dat een gedeblokkeerd pasje eerst langs een geldautomaat gehaald moest worden. Dus ik had gewoon geluk gehad.

Maar waar het me eigenlijk om gaat, is dat de chauffeur vlak voor ik uitstapte zei: “Hier om de hoek zit mijn chiropraktiker, op de Amerbos, Russel heet hij. Het is een Engelsman die een beetje Nederlands praat. Het was op aanraden van een vriend.”
Krijg het nou helemaal … ook hij bij een chiropraktiker! Wel het laatste wat ik verwacht – en dat terwijl ik het, ondanks de zes behandelingen, zelf nog steeds niet kan plaatsen. ik voeg hem dan ook: helpt het je? ‘Ja,’ zei hij.
Toen ik het Klaaske bij thuiskomst vertelde, zei ze: “Dat is nu synchroniciteit…”
En ik voelde me deel van een zegenrijk geheel – All in One.

Het Lam Gods

Wie is het ‘lam van God’?

In het Nieuwe Testament is ‘lam van God’ een aanduiding voor Jezus. Zijn dood wordt in sommige teksten beschouwd als een offer ter vergeving van zonden (zie bijvoorbeeld Johannes 1:2 en Openbaring 5:9).
In andere teksten is ‘lam van God’ specifiek een verwijzing naar het lam dat op Pesach geslacht werd (zie 1 Korintiërs 5:7).

AFBEELDINGEN VERGROTEN DOOR TE KLIKKEN
Hubert van Eyck, de grootste schilder ooit, begon dit werk; zijn broer Jan, die tweede in de schilderkunst was, voltooide deze zware taak op vraag van Joos Vijd. Deze vertrouwt dit werk aan uw goede zorgen toe op 6 mei 1432. Bewonder wat zij tot stand hebben gebracht 

Dit kwatrijn op de lijst van het centrale paneel bevat essentiële informatie over het veelluik. Het is nog steeds niet duidelijk welk deel door Hubert en welk deel door Jan Van Eyck werd geschilderd. Op 6 mei 1432 werd het altaarstuk voor het eerst opgesteld in de kapel van Joos Vijd en Elisabeth Borluut, twee vooraanstaande inwoners van Gent. 






De tumultueuze geschiedenis van het Lam Gods is één van oorlogen, brand en diefstal. Na de Tweede Wereldoorlog keerde het Lam Gods terug naar de Vijdkapel in de Sint-Baafskathedraal om in 1986 te verhuizen naar de Villakapel. Sinds 2021 kreeg het zijn huidige plaats in de Sacramentskapel. Sint-Baafskathedraal Gent

KLIK OP AFBEELDING VOOR DE PRESENTATIE

https://closertovaneyck.kikirpa.be
Sinds 2012 kan iedereen al dankzij de website Closer to Van Eyck inzoomen op de verbijsterend mooie details van een van de meest bejubelde kunstwerken. Nu zijn de resultaten van de restauratie in al hun glorie ook te zien op de vernieuwde website. Het team van het KIK legde hun behandeling immers integraal vast met fotografische en wetenschappelijke documentatie in ultrahoge resolutie. Al deze beelden zijn nu terug te vinden op Closer to Van Eyck. 

Oorsprong van de term ‘lam van God’

Het gebruik van de term ‘lam van God’ in het vroege christendom kan teruggevoerd worden op twee tradities:

  • De lijdende dienaar van de Heer die in Jesaja 53:7 wordt voorgesteld als een schaap dat geslacht wordt en volgens Jesaja 53:12 de schuld van zondaars op zich neemt.
  • De theologie rond het paaslam waarin de Exodus 12 wordt toegepast op Jezus.
    www.debijbel.nl

Wat betekent het als je een lam ziet in spirituele zin?

Het lam wordt doorgaans gezien als een symbool van onschuld, puurheid en kinderlijke eenvoud . Het kan een verlangen oproepen naar een terugkeer naar een meer onschuldige staat of een wens om opnieuw contact te maken met de eigen pure, ongerepte essentie.


< klik hier voor meer over Metamorfosen

Meer Metamorfosen op ShakingLife

Maagden die de goden behaagden

AFBEELDINGEN VERGROTEN DOOR TE KLIKKEN

Danaë

Leda

Io

 
Zij was al hard gaan rennen; landerijen van Lerna en Lyrcaeïsch bosland was ze reeds voorbij, toen door de god een brede nevelstrook over de velden getrokken werd, haar vlucht geremd werd en haar eer geroofd.”
Ovidius’ Metamorphosen i, 597-600

Maria

NB 
Bij de voorbereiding van mijn komende bezoek aan ‘Metamorfosen’ in het Rijksmuseum, kwam ik de bovenstaande mythische beelden tegen, van goden die in wisselende gedaanten in het aardse nederdalen, om zich heimelijk met beeldschone wezens te verenigen.

Dat bracht me tot de vraag, of de hemelse interventie bij de geboorte van de Zoon van God uit de maagd Maria – met de engel Gabriël als boodschapper, ‘middels de tussenkomst van de Heilige Geest’ – niet een variatie op ditzelfde thema is. Ook al zijn we dan inmiddels in een heel andere wereld terechtkomen, waarin die heimelijk begane ‘zonden’ niet langer beloond worden – ook al kwamen de antieke goden dan in moeilijkheden, zoals Jupiter met zijn vrouw Juno – maar ze worden afgestraft met een ‘eeuwigdurende verdoemenis’…
Al in de tweede eeuw was Origenes van Alexandrië doende de Goddelijke status van Maria van een exegetisch grondvest te voorzien – een werk dat in 1854 door Paus Pius IX voltooid zou worden met het dogma van de ‘Onbevlekte Ontvangenis’.

Kortom, goed voor een weer geheel nieuwe wereld van mythische beelden – waarvan hieronder enkele fraaie voorbeelden staan.
“Licht komt van God, weerkaatst in de natuur en bereikt dan het menselijk oog. Hoe kon Jan van Eyck dat licht zo laten glanzen?
“De glans van die olieverf triomfeert hier de detaillering van bijvoorbeeld de ‘Annunciatie’ uit Washington, met de engel Gabriël in een spetterend gewaad vol sprankelende juwelen, regenboogkleurige vleugels en een kristallen staf, in een gotische ruimte met ongelooflijk gedetailleerde glazen ramen, dat is zó knap en zo scherp gezien, daar staat je verstand bij stil. Jan van Eyck moet een stel fantastische ogen hebben gehad.”
Koen Kleijn, ‘Schitterend in kristal’, Groene Amsterdammer 12 februari 2020.

Al rond het jaar 200 schreef Origenes daarom dat Maria onbevlekt ontvangen was. Ze was zonder de erfzonde geboren in de schoot van haar moeder, Anna. Haar ziel was hierdoor op voorhand gezuiverd door God en daarom was Maria verkozen om de zoon van God, Jezus, op aarde te brengen. De onbevlekte ontvangenis verwijst dus naar de geboorte van Maria.

In 16e eeuw werd de onbevlekte ontvangenis een beroemd thema in de kunst. Het dogma van de onbevlekte ontvangenis staat niet in de Bijbel en was daarom een twistpunt tussen de katholieken en de protestanten. In de roerige 16e eeuw van geloofsoorlogen kregen katholieke schilders daarom de opdracht juist het thema van de onbevlekte ontvangenis vast te leggen. Hierdoor is met name in het katholieke Spanje een rijke traditie ontstaan, vol met verwijzingen en symbolen.

Misverstand

Het is onduidelijk waarom het dogma van de onbevlekte ontvangenis zo vaak verward wordt met het dogma van Maria’s maagdelijkheid bij de geboorte van Jezus. Waarschijnlijk is het een geval van de klok horen luiden, maar niet weten waar de klepel hangt. Mogelijk heeft dit ermee te maken dat het dogma van onbevlekte ontvangenis pas door Paus Pius IX officieel is ingevoerd in 1854. In Nederland is hier destijds weinig aandacht voor geweest, met name doordat grote delen van ons land protestant waren.

Symboliek
Om Maria heen staan in het schilderij vier symbolen: de Spiegel, Jakob’s Ladder, de Hemelpoort en de Toren. Deze symbolen verwijzen naar Bijbelverhalen uit het oude testament die verwijzen naar Maria’s overwinning op het kwaad van de slang. Het zijn verhalen waaruit blijkt dat het geloof sterker is dan de zonde. Jakob’s Ladder is het verhaal van Jakob, die in een droom de hemel bezoekt. De toren verwijst naar een Bijbeltekst uit Hooglied, die een onneembare toren beschrijft. De spiegel verwijst naar een spiegel waarin de ware aard van de mens te zien is en de hemelpoort naar het laatste oordeel. Alle symbolen verwijzen dus direct of indirect naar de erfzonde en hoe het geloof deze zonde kan weghalen.

AFBEELDINGEN VERGROTEN DOOR TE KLIKKEN

Zie ook: Barzakh

‘Barzakh’ is binnen de islam de term die gebruikt wordt voor de periode tussen iemands dood, en de wederopstanding op de Dag des oordeels en het verblijf in het ‘akhirah’ (het hiernamaals) daarna. Het wordt gezien als een soort slaaptoestand. Het zijn zaken waar bij ons in het Westen vanuit de traditie niet over gesproken wordt en waar we dus weinig over ‘weten’.

“Het wordt vaak verward met het katholieke vagevuur, maar verschilt fundamenteel: Barzakh is een wachtperiode met grafvragen en mogelijke bestraffing/beloning, terwijl het vagevuur een louteringsproces is.”
Lucepedia

< klik hier voor meer over Metamorfosen

Meer Metamorfosen op ShakingLife

Sfinx Toorop in Singer

voor alle werelden
Amida Welcomes Chûjôhime to the Western Paradise
voor Klaaske 82

Zondag 29 maart, 14.30u.
Daar zitten we dan in Singer, gerieflijk aan de koffie. Pal onder het schilderij ‘Stilleven, Intermezzo nr. 2’ van de Amerikaan William Henry Singer (1868-1943), die de naamgever van het Singer museum is. Hij was ooit, samen met zijn vrouw, daar in het Gooi neergestreken en had er zijn ruimbemeten voetstap achtergelaten.
Maar wij kwamen voor de tentoonstelling over Jan Toorop.

29 maart was het begin van de zomertijd. Als je dan een afspraak hebt, weet je niet op welke klok je moet kijken…
Gelukkig appte Ingrid Om 10.07u vanuit Breukelen, dat ze net in haar Panda was gestapt, om ons op te halen voor de tentoonstelling ‘De werelden van Jan Toorop’ in Singer Laren – en de digitale wereld is altijd bij de tijd.

De Toorop van vandaag…


Jan Toorop, kunsticoon rond 1900, is ‘witgewassen in de Nederlandse kunstgeschiedenis’ 

Merlijn Schoonenboom, 22 januari 2026

NRC 26 maart 2026
Beroemd was de schilder Jan Toorop altijd al, maar werd hij ook echt begrepen? Nee, stelt nu het Singer Laren, en presenteert hem voor het eerst expliciet als ‘kunstenaar van kleur’. „Pas door zijn herkomst te kennen kan je zijn werk echt goed begrijpen.”Tegenwoordig hebben veel mensen geen duidelijk beeld meer van de kunstenaar Jan Toorop. Zijn werk  lijkt een ratjetoe met weinig samenhang in de vele stijlen die hij hanteerde. Ik associeerde hem vooral met spirituele kunst: zijn symbolistische en katholieke periode, maar hij heeft zoveel meer gedaan. Dat zijn werk zo divers is hoor je ook bezoekers van de tentoonstelling tegen elkaar zeggen.
De vorige grote overzichtstentoonstelling van Toorop was in 2016 in het Kunstmuseum in Den Haag, waar hij trots gepresenteerd werd als een typisch Haags kunstenaar. Nu heeft hij heel wat jaren in Den Haag doorgebracht, maar zeker niet alleen maar... En zijn Indische afkomst en inspiratie kwamen in 2016  niet aan de orde…
[lees verder bij de link boven]

…en die van tien jaar geleden

Hoe de kwikzilverige Jan Toorop verhardde 

Lucette ter Borg, 27 februari 2016

NRC 27 febrari 2016
Als je zijn tijdgenoten moet geloven, was hij een kwikzilverige man: bevlogen en vernieuwingsgezind, intens snuffelend aan iedere nieuwe tendens om vervolgens in looppas weer door te gaan naar de volgende, een collega die zich uitsloofde om werk van collega’s als Van Gogh een groot publiek te geven, een dweper, een ijdeltuit, een sociale klimmer, een netwerker pur sang, een conflictueuze ziel en dromer tegelijk. De grote historicus Johan Huizinga herinnerde zich de kunstenaar Jan Toorop tijdens de voorbereidingen van een tentoonstelling in 1896 in Groningen: „Hij was toen op zijn prachtigst”, aldus Huizinga, „36 jaar, een Oosters vorst, met zijn betoverende welsprekendheid als hij zijn werken uitlegde en vaagweg naar de duinenlijn wees die veelal zijn horizont vormde, waarbij zijn beminnelijke betoog wegstierf in een gemompel: de duinen, het mysterie.”

Nee, eerlijk gezegd kon Toorop – in 1858 geboren op Java en in 1928 in Den Haag begraven, haast als een nationale held – niet veel zinnigs over zijn werk zeggen. Dat blijkt uit zijn teksten en redevoeringen: het was gemompel of gezwollen taal, en anders kroop hij wel achter de piano om zijn werk te duiden.

Toch groeit Toorop tussen 1883 en 1928 uit tot een van de meest inspirerende kunstenaars van Nederland. Toorop wordt hét boegbeeld van het symbolisme – in Nederland plat de ‘slaoliestijl’ genoemd, naar een affiche voor Delftsche Slaolie dat Toorop in 1894 ontwerpt. Waarom de kunstenaar zo’n voorbeeld is, wordt duidelijk op de zojuist in het Haags Gemeentemuseum geopende overzichtstentoonstelling.

Levenswerk

De expositie is het levenswerk van gastconservator Gerard van Wezel, die zich al ruim dertig jaar in Toorop verdiept en zijn expertise en kennis heeft samengebald in dit overzicht én in een kloek, helaas wat onevenwichtig en slecht gedrukt boek over de kunstenaar. Zo’n tweehonderd werken, bruiklenen uit binnen- en buitenland, zijn keurig chronologisch bij elkaar gebracht op de bovenste verdieping van het museum, in zalen die in kleur swingend contrasteren met de kunst. Hardrood is een mooi contrapunt bij het sombere naturalisme uit de beginjaren, in de verte lonkt het lila, geel en blauw.

VERGROTEN door te klikken

Van sommige van de bruiklenen was het bestaan nauwelijks bekend. Het is de verdienste van Van Wezel die ze opspoorde, dat ze nu voor het eerst te zien zijn. Zo’n ontdekking is bijvoorbeeld het sprankelende De Gauwdief, een vroeg olieverf van Toorop uit het bepaald niet wereldberoemde Telfair Museum uit Savannah. Dit vreemd verstilde doek van een jongen die door de gendarme wordt teruggebracht in de krakkemikkige hut van zijn vader, bevat een schat aan grappige details. De zorgvuldig op grootte geschikte geraniumpotten bijvoorbeeld, verraden een oog voor esthetiek dat je in deze armoede niet verwacht. Het opvallendste in De Gauwdief is het licht dat uit het hooibergje op het erf lijkt te stralen, de mouwen van de hemden van de personages en vooral de schraperig geschilderde akkers in de verte. Dat maakt dit werk een schitterende voorbode van Toorops latere experimenten.

De tentoonstelling pretendeert Toorop voor het eerst als internationale, veelkoppige kunstenaar te brengen. Dat klinkt mooi, maar is niet helemaal waar. Van Toorop is al lang bekend dat hij ver buiten de muren van de Haagse School aan het experimenteren sloeg. Na een korte studie aan de Rijksacademie in Amsterdam vertrekt hij in 1883 naar Brussel, waar hij kennismaakt met onder anderen Ensor en lid wordt van de avant-gardistische kunstenaarsgroep Les XX. Vanaf dan stort hij zich in alles wat artistiek gezien broeit en gist in de Europese kunst. Met Ensor trekt hij naar Parijs, waar hij Signac en Seurat ontmoet. In 1886 volgt een kennismaking met Whistler in Londen.

Die ontmoetingen hebben een directe weerslag op zijn werk, dat luministisch wordt en zacht pointillistisch. Het bijzondere is niet zozeer dat Toorop die stijl hanteert in landschappen of in ijle portretten van rijke vrouwen die altijd uitgeput lijken, maar dat hij ze ook toepast in zware, realistische thema’s. Stervende armoedzaaiers, arbeiders voor en na de staking (een diptiek uit 1888), en het prachtige Vloed uit 1891 zijn hier voorbeelden van. In Vloed is een visser die een bomschuit trekt weliswaar de centrale figuur, maar je ziet dat de aandacht van de schilder is uitgegaan naar iets heel anders: de woest schuimende, blauwgroene branding die als een kapot mozaïek om de benen van de man uit elkaar is gespat.

Experimenten

Het interessantst is Toorop in deze experimenten en dat is ook de reden waarom hij belang heeft voor hedendaagse kunstenaars. Hij schikt en herschikt, als een stuk papier te klein is, plakt hij eenvoudig een stuk eraan en tekent verder, hij werkt en herbewerkt, soms jaren later nog, en ook in zijn materiaalgebruik is hij vrijmoedig. Ondertekeningen laat hij rustig zichtbaar, zoals in het haast abstracte De Twee Wilgen (1886-1889), hij krast met de achterkant van zijn penseel, gebruikt knettergekke kleuren (met het symbolistische De Nieuwe Generatie uit 1892 als hoogtepunt), hij schraapt verf weg of laat hele stukken leeg. Je ziet dat hij van tevoren niet precies wil weten waar hij aan het eind terecht zal komen.

Jan Toorop. T/m 29 mei in het Gemeentemuseum, Den Haag. Catalogus: € 29,95. Inl: www.gemeentemuseum.nl

Natuurlijk hangen in Den Haag ook al zijn beroemde symbolistische iconen: O Grave, where is thy Victory, De Sfynx, De Drie Bruiden, Zang der Tijden allemaal in 1892 en 1893 gemaakt. Ze maken duidelijk waarom een kunstenaar als Klimt zo onder de indruk was van Toorop. In die fase veroorlooft Toorop zich nog rare uitstapjes qua compositie en buiten de lijnen tekenen. Maar zijn pad leidt hem meer en meer richting mysticisme en religie. Het lijkt alsof er een verharding of simplificatie in stijl optreedt. Alsof Toorop de essentie van mensen en dingen alleen nog maar in sjablonen kan vatten. Zijn werk wordt monumentaal, eendimensionaal en fascistoïde haast, met figuren die je hard aankijken of en profil zijn afgebeeld. De kaken zijn op elkaar geklemd, de nekken als aambeelden zo breed. En dat is jammer: het onversaagde heeft het kwikzilverige gemompel uit de beginjaren overstemd.

Met dank aan NRC

Nog wat eigen foto’s
29 maart 2026

VERGROTEN door te klikken

Afkicken bij ‘La Place’

EINDE

Voorbij ruimte en tijd

Mijn eerste post ooit op het ‘ShakingLife’ blog was Shaken (1) :


Shaken (1)

Shaken zet je met beide benen op de grond. Met de negen contactpunten van de voet voel je je wortels in de aarde. Je bent zelf-standig – doet er niet toe waar je staat, of het nu voor je eigen venster is of in de Transsiberië Express, shaken kun je overal.”
31 december 2013

Deze post dateert al weer van zo’n dertien jaar geleden: 31 december 2013. Toen dat onlangs tot me doordrong, vond ik het tijd voor een kleine bezinning op het shaken

Sorry, even tussendoor:

Ik was namelijk net wakker geworden uit een droom, waarin ik als een dolleman op m’n fiets door de stad racete, door de buurt van mijn voormalige werk aan de Bronckhorststraat in Amsterdam Centrum.
Ik had niet gegeten, daar was geen tijd meer voor geweest, tussendoor dacht ik er wel aan onderweg iets te ‘scoren’, een banaan bijvoorbeeld.
Ik voelde me een overlevingskunstenaar, met duizelingwekkende snelheid reed ik daar door de straten. Ik moest op weg naar mijn werk zijn. Maar toen ik met mijn ogen naar het vertrouwde pand zocht, zag het er daar anders uit… Wel leek het alsof er achter een raam iemand naar me zwaaide – maar dat voelde eerder aan als Menno, onze oude overbuurman aan de Binnenkant.
Het is ongelofelijk dat ik daar zo trefzeker rondreed – al helemaal nu ik voortdurend bezig ben met mijn ‘blinde hoek’, links. Het was een oud gevoel van ‘meester zijn over de wereld’, een kinderdroom die al vroeg werd aangewakkerd door het bezit van een fiets: mijn Rudge, vejaarscadeau op mijn twaalfde, het trotse bezit waarmee ik de wereld verkende…

Dat was de droom die me inviel, terug naar het shaken:

Directe aanleiding voor mijn bezinning op het ‘shaken’, was dat mijn vriend Aloys Baets in NRC een artikel had zien staan over de film‘The Testament of Ann Lee’.
De film gaat over een sekteleidster in het 18e eeuwse Amerika, die werd gezien als de vrouwelijke reïncarnatie van Jezus Christus.
Ik heb het verhaal integraal in m’n blog overgenomen, zie: Regisseur Fastvold over de unieke zingende sekteleidster Ann Lee: ‘Waarom kent niemand haar?’

Toen ik daarna opzocht hoe het de sekte verder is vergaan, kwam ik deze foto tegen:

Mary Ann Case (later Anna Case). “Eldress Anna Case (1855-1938) was een prominente figuur binnen de religieuze gemeenschap van de Shakers.”
SHAKER HERITAGE SOCIETY © 2023 AMERICA’S FIRST SHAKER SETTLEMENT

Ik vond het verhaal over deze Anna Case interessant genoeg om het in diezelfde post op te nemen – zie daar onder het hoofdje ‘Een eeuw later


Ook in de gospels speelt ‘extase’ een belangrijke rol…

Dit was het cadeautje van Smithsonian Folkways van vandaag.
< klik hier voor meer over Shaken

Meer Shaken op ShakingLife

Hetzelfde

Inleiding
Nadat ik niet lang geleden een esoterische droom over een synagoge had, droomde ik vannacht over drie synagogen, die met elkaar verbonden waren in een soort driehoeksdiagram – waarbij beelden van mijn dagelijkse computerarbeid zich vermengden met beelden uit de alledaagse realiteit.
De middelste, verbindende synagoge, doopte ik ‘synagoge van de overgang’ – naar analogie van het ‘klooster van de overgang’ uit ‘De droom van een dwaze monnik’ van Maarten Houtman.
Deze ‘dans van synagogen’ leek me een uitdrukking te zijn van de zwaar religieus geladen toestand in het Midden Oosten – die bij velen de snaar raakt van een diep in ons verankerde religieuze opvoeding.

Dit alles mede als inleiding op de onderstaande wonderbaarlijke tekst van Maarten Houtman, geschreven als convocatie voor zijn allerlaatste meditatiesessie in mei 2007, over het leven als metamorfose - waarvan de inherente actualiteit nu pas tot me doordringt.
Hetzelfde
Convocatie  4-daagse van 11-14 mei 2007 te Mennorode.
Hetzelfde is nooit hetzelfde, want alles in het leven verandert en beweegt. Hetzelfde in je herinnering, ja, dat is onbeweeglijk en dood. Je weet dat zaken en situaties in verschillende stemmingen er anders uitzien. Dat vind je heel gewoon. Weer anders is het als je een beetje dromend buiten loopt. De bomen die je denkt te kennen zijn heel anders: ze hebben verhalen over wat de wind ze vertelt en ze verlangen naar de lente en de zomer als hun bladeren alles kunnen opvangen en doorgeven aan hun wortels, die diep in de grond de levenssappen opzuigen. Een en al leven en durende verandering.
Waar begint voor jou die veranderde beleving? Ik denk bij het gevoel dat wat je normaal waarneemt een bevroren momentopname is uit een onafgebroken verandering.
Eerst heb je dat gehoord of gelezen en gaat het langs je heen. Dan begin je te merken, midden op de dag, dat er opeens een ogenblik is dat alles anders lijkt.
Dat vergeet je weer, maar als het nog een paar keer gebeurt, ben je er attent op en begrijp je dat je in een onbekende wereld leeft waarvan je maar één bepaalde kant kent.
Dan komt er een levende rust over je waardoor je door alle haast en misbaar om je heen dat andere kunt beleven, dat niet van de tijd is. Dan is ook voor jou hetzelfde nooit meer hetzelfde.

Maarten Houtman

Afb. bovenaan:  Google Maps’ 3D-reconstructie van de Heilige Tempel op de Tempelberg in Jeruzalem.
“Veel Joden zijn terughoudend om de Tempelberg te bezoeken, uit angst om gebieden te betreden die volgens de Joodse wet verboden zijn.
Elyasaf Libi, een inwoner van de berg Bracha in Samaria, besloot dit probleem op te lossen door Joden voor te lichten over hoe ze zich op de Tempelberg kunnen oriënteren. Hij creëerde een virtuele 3D-rondleiding door de Tempel en uploadde deze naar Google Maps.” (Bron Google Maps).

EINDE


Meer Metamorfosen op ShakingLife.nl

Helende handen

Bovenaan:  Aion Studio aan het Buikslotermeerplein in Amsterdam Noord, ‘vlakbij het metrostation, bij winkelcentrum Boven 't Y’. 
Van de andere kant af gezien (eigen foto).

Toen ik met Klaaske onlangs op het terras van ‘Roezemoes’ zat, kwam Margreet langs. Zij vertelde dat ze een goede masseuse had ontdekt, die daar op het plein een studio had – met gevolg dat ik er al snel mijn neus om de hoek stak en kennismaakte met Lise. We spraken een eerste behandeling af.


Hallo, ik ben Lise!

“Oorspronkelijk kom ik uit Frankrijk, en ik ben altijd al gefascineerd geweest door het wonderlijke vermogen van het lichaam om zichzelf te genezen. Vanaf jonge leeftijd heb ik een sterke band gehad met dieren, vooral paarden. Ik heb zelfs meegedaan aan springwedstrijden, waaronder de Franse kampioenschappen. Mijn eerste droom was om osteopaat voor paarden te worden, maar het leven had andere plannen voor mij.”

Afbeelding vergroten door te klikken.


Lise, tenger en klein van stuk, wekte gelijk mijn sympathie op. Ik vertelde haar het doel van mijn bezoek en we raakten in gesprek. Het bleek me goed te doen om over mezelf te kunnen vertellen. Waarbij ik met name mijn herseninfarct en hemianopsie ter sprake bracht, die mijn wereld sinds vier jaar radicaal veranderd hebben. Daarna legde ze me haar tarieven voor, ze had mijn vertrouwen gewekt.

Op de eerste afspraak, een paar dagen later, zetten we ons gesprek voort, ik vertelde nog eens over mijn hemianopsie, met die blinde hoek aan de linkerkant.
Daarna mocht ik op mijn buik gaan liggen op de massagetafel. Zachte vingers tastten mijn rug af, met met nu en dan een ‘touché’– alsof het voor haar genoeg was om de energie te voelen. Eerst moest ik op de rug, dan weer op de buik.
En toen kwam de verrassende mededing: mijn ruggengraat is verdraaid naar links…

Ik voelde dat het gelijk raak was, het klopte met mijn gevoel dat ik voortdurend op mijn hoede moet zijn voor gevaar van links. Dus die diagnose viel op z’n plaats – dáárom ook was er die voortdurende dreiging van spit!
Klaaske, die me deze keer af kwam halen, constateerde dat ik anders liep, al was het nog van korte duur.

Morgen gaan we verder met de eerste behandeling, ik ben heel erg benieuwd.
Lise vertelde me wel dat haar hond deze keer aanwezig zou zijn – zie onder.
Wel heel apart trouwens, dat ze ook honden en katten behandeld.

Onze chiropractische assistent

“Trixie is een Mini Australian Shepherd pup. Ze is een paar keer per week in de studio om je hartelijk te verwelkomen en te ondersteunen tijdens en na de behandeling.
Ze is heel attent; als je je ongemakkelijk voelt in de buurt van honden of als je je eigen hond meeneemt, blijft ze thuis om je de ruimte en gemoedsrust te geven.”


Ook deze muziek van Rey&Kjavik hoort bij Aion Studio.
Geschreven 18 maart 2026

Regisseur Fastvold over de unieke zingende sekteleidster Ann Lee: ‘Waarom kent niemand haar?’

Uit NRC


Sabeth Snijders vanuit Venetië
Gepubliceerd op 24 februari 2026


De nieuwe film van de Noorse actrice en filmmaker Mona Fastvold klinkt als een ironische stunt, schreef filmvakblad Variety na de première in Venetië: een musical over het leven van de vrome en kuise oprichtster van een achttiende-eeuwse religieuze sekte. Maar wie de hoogst originele biopic over de Shakers bekijkt, een christelijke groepering die haar naam kreeg door hoe ze al sidderend, dansend en zingend hun zonden bekenden en liefde voor god uitten, ziet een film die allesbehalve ironisch is. Via zang en dans wordt in The Testament of Ann Lee „oprecht, inventief én ontroerend” iets verteld over een opmerkelijk utopisch experiment in de Amerikaanse geschiedenis. 

Als regisseur Fastvold in Venetië praat over Ann Lee (1736-1784), valt ook meteen haar bewondering op voor de vrouw die vanuit Manchester met een klein groepje Shakers naar de VS trok om daar een Shaker-nederzetting te beginnen. Fastvold is areligieus opgevoed en onderschrijft niet alle ideeën van Lee – Lee had van kinds af aan bijvoorbeeld een sterke afkeer van seks, ook op latere leeftijd zag ze het als de wortel van alle kwaad. Maar de Noorse werd geraakt door hoe ‘moeder’ Ann Lee leiding gaf in een door mannen gedomineerde wereld, met empathie en vriendelijkheid.

Decennia voor de slavernij werd afgeschaft in de VS en vrouwen stemrecht kregen werd er in de communes van de Shakers al geen onderscheid gemaakt op basis van geslacht of afkomst en was er veel empathie voor kinderen. Fastvold snapt dus niet waarom de Shakers geen grotere plek innemen in de Amerikaanse geschiedenisboeken, terwijl Ann Lee „een van de grootste utopische gemeenschappen in de Amerikaanse geschiedenis creëerde”. Fastvold: „Hoewel dit een experiment met gebreken was. Ik wil dat mensen denken: Moet ik dit kennen? Heb ik iets gemist in de geschiedenisles?”

Trance 

De Shakers, in hun begindagen Shaking Quakers genoemd, zijn naast hun vroomheid en arbeidsethos, vooral bekend om hun extatische erediensten. In The Testament of Ann Lee zien we hen via repetitieve bewegingen, krachtige uitademingen en zang in soms dagenlange trance raken. Fastvold sleept kijkers via wervelende danssequenties en de op Shakerhymnes geïnspireerde muziek van Oscarwinnaar Daniel Blumberg regelmatig mee in hun extase. 

Wat je op het scherm ziet en hoort is een combinatie van opnames uit workshops van wat er daadwerkelijk op set is gefilmd of ingezongen in een studio, vertelt Fastvold in Venetië. „We begonnen met repeteren en workshops een jaar voor de opnames, daar ligt de kern van wat je ziet en hoort. Daar begon Amanda [Seyfried] en de rest van de cast te werken met de choreograaf. En daar begonnen we ook al muziek en het geluid op te nemen en te experimenteren met de liederen.” Iedereen, ook Seyfried, was altijd echt aan het zingen benadrukt Fastvold. „Veel van wat werd opgenomen in de workshops belandde in de uiteindelijke film.”

Fastvold werkte voor het script samen met haar echtgenoot Brady Corbet – ze schreven eerder ook het Oscargenomineerde scenario voor zijn historische epos The Brutalist. Veel van wat er over de echte Ann Lee bekend is, blijft giswerk of legende. Corbet en Fastvold kozen ervoor ook de meest parabel-achtige elementen uit de overlevering zonder cynisme in beeld te brengen. Zo worden de rauwe gebeurtenissen uit Ann Lee’s leven, ze verloor vier kinderen voor hun eerste levensjaar en werd zeer hardhandig vervolgd en gevangengezet, even realistisch verbeeld als haar Bijbelse visioenen. Meer Shakerpersonages hebben in de film trouwens visioenen. In een vrij ludieke, maar bloedserieus gespeelde scène zien we een van Ann Lee’s volgelingen, John Hocknell (David Cale) achter zijn eigen vinger aanrennen die onbeheersbaar als een rondfladderende vlinder beweegt en zo de weg wijst naar de beste plek om een commune te beginnen.

Niet zwelgen in geweld

Deze parabelachtige elementen worden volop gecombineerd met musicalmomenten. Waren er zaken uit het leven van Ann Lee die Fastvold moeilijker in beeld kon brengen omdat ze haar film als een musical vormgaf? „Nee, ik denk dat de vorm ons alleen heeft geholpen en dat er eigenlijk ook geen andere manier was om dit verhaal te vertellen: de Shakers leefden op een hele muzikale en bewegingsgerichte manier. Ze konden echt overvallen worden door de Heilige Geest en in zang uitbarsten. Er zijn zoveel beschrijvingen met zinnen als ‘Toen legde ze haar handen op hem en begonnen ze allebei te schudden, en ze schudden en bewogen twee uur lang. En daarna viel hij op de grond en vloog zijn voet omhoog’. Of verhalen over hoe Ann Lee urenlang krachtig zong en iedereen zich daardoor vervuld voelde van de Heilige Geest.”

De enige momenten waarbij ze bewust afweek van de verhalen over Ann Lee, gingen over de ontberingen die ze tijdens haar leven heeft doorstaan, zegtFastvold. „Mishandelingen, het van haar lichaam scheuren van haar kleren, menigten die haar achterna zaten. Het kwam steeds terug, opnieuw en opnieuw. Maar ik wilde niet zwelgen in dat geweld, dat voelde respectloos. Dus ik laat het één keer zien, in een lange scène die eerlijk en bruut is, dat vond ik voldoende om haar lijden te begrijpen.” In haar film zien we inderdaad tegen het einde hoe de Shakerenclave wordt aangevallen, de gelovigen worden gemarteld en Ann Lee zelf wordt aangerand – om te controleren of ze geen man is.

Fastvold raakte zelf gefascineerd door de Shakers na het horen van een hymne met referenties aan Ann Lee geschreven door de Afro-Amerikaanse Patsy Roberts, een voormalige tot slaaf gemaakte die werd vrijgekocht door de Shakers. Ze hoorde de hymne tijdens de research voor haar vorige film, The World to Come, over de liefde tussen twee eenzame buurvrouwen, ergens in de wildernis aan de Amerikaanse oostkust rond 1850.

Waar komt haar interesse in dit deel van de Amerikaanse geschiedenis vandaan? Ze groeide zelf op in Noorwegen. „Deze film speelt wel eerder dan The World to Come, dit is midden jaren 1750 tot het einde van die eeuw. Wat ik ontdekte over deze periode is dat ze iets nieuws probeerden vorm te geven.” Fastvold ziet parallellen met de huidige tijd. „We staan ook op de rand van een nieuwe wereld, deze maal met technologische ontwikkelingen die we proberen te begrijpen en waarin we proberen te navigeren. Het heeft dus wel wat van het Wilde Westen wat we nu ervaren: de anarchie, het gevaar, de ontdekkingen, de naïviteit. Misschien word ik daarom ertoe aangetrokken? Al kan ik het ook niet helemaal uitleggen waarom ik er zo obsessief mee bezig ben en het gevoel had dat ik deze film moest maken.”

Waarna ze grappend toevoegt: „Ik ben als David Cale en zijn vinger, ik volg en vraag me af ‘waar brengt dit me heen?’. Naar hier!”

Amanda Seyfried en Lewis Pullman in ‘The Testament of Ann Lee’.SEARCHLIGHT PICTURES


In de jonge jaren van de Verenigde Staten vonden ketterse Europeanen daar een veilige haven voor hun afwijkende geloofsopvattingen. Zo ook Ann Lee, die in 1776 in Amerika aankwam. Samen met haar volgelingen, de ‘Shakers’ geheten, geloofde ze dat ze de tweede Christus op aarde was. 

In de nieuwe film The Testament of Ann Lee is te zien hoe deze sekte van ‘shakende’ aanbidders al in de 18e eeuw een verrassend progressief wereldbeeld aanhing. De Amerikaanse Markha Valenta, die onderzoek doet naar religie en politiek in de VS, bekeek de film die Ann Lee portretteert als vergeten feministisch icoon.  

Met dank aan NRC
Exclusieve LIVE-UITVOERING van “Clothed by the Sun”, een nieuw origineel nummer uit THE TESTAMENT OF ANN LEE. Muziek en tekst van Academy Award®-winnaar Daniel Blumberg, met Amanda Seyfried.
Over de muziek zegt componist Daniel Blumberg: "Het verhaal van de Shakers en Ann Lee is inherent radicaal. Ik probeerde de grenzen van de melodische kern van hymnen en liederen te verleggen naar deze meer elementaire en geïmproviseerde klanken. Buiten mijn films maak ik platen met liedjes, dus het werken met liedvormen was vertrouwd, maar het was een heel nieuw proces om dat voor een film te doen. Er is een breed scala aan stemmen te horen op deze soundtrack, variërend van enkele van mijn favoriete improvisatoren ter wereld en ongetrainde koren tot Hollywood-acteurs."

The Testament of Ann Lee, Original motion picture soundtrack by Daniel Blumberg


Een eeuw later
(eigen bijlage)

Klik op logo hierboven voor de link naar onderstaand artikel.
Mary Ann Case (later Anna Case)
Eldress Anna Case (1855-1938), een prominente figuur binnen de religieuze gemeenschap van de Shakers. Anna Case stond bekend als een van de laatste leidinggevenden van de Shaker-gemeenschap in Watervliet. Shakers waren een religieuze sekte die bekend stond om hun minimalistische meubelontwerpen en geloof in eenvoud.
Reprinted from the Winter 2019 edition of the Watervliet Shaker Journal.
Written by Lorraine Weiss
In maart 1866 liep een elfjarig meisje weg van huis in Rochester, New York. Het gezinsleven verslechterde na de dood van haar moeder, mogelijk veroorzaakt door het drankprobleem van haar vader. Een familielid slaagde erin haar naar de Shakers te sturen, waar ze niet alleen onderdak vond, maar ook een spirituele houvast die de rest van haar leven zou duren. Haar naam was Mary Ann Case (later Anna Case), en haar aankomst bij de South Family werd vermeld in een dagboeknotitie van 18 maart 1866, waarin stond: "Mary Ann Case geloofde."

We kennen Moeder Ann Lee, die de Shakers naar Albany bracht en het geloof verspreidde naar andere gemeenschappen in het noordoosten; en Moeder Lucy Wright, die 25 jaar lang (1796-1821) hoofdpredikant was en wiens vooruitziende blik en bestuurlijke vaardigheden het netwerk van gemeenschappen uitbreidden en de basis legden voor het dagelijks leven van alle Shakers. Ook Anna Case bracht mededogen, leiderschap en bestuurlijke vaardigheden naar de Shakers. Haar verhaal speelt zich echter af aan het andere uiteinde van het verhaal, toen de omstandigheden haar dwongen toezicht te houden op de ontbinding van de Shakergemeenschap in Watervliet, die door Moeder Ann en Moeder Lucy was gesticht.

Elke Shakerfamilie wees een lid aan om een ​​dagboek bij te houden. Samen met andere zakelijke documenten geven deze dagboeken soms informatie over de activiteiten van individuele Shakers. Aantekeningen over Anna Case laten zien dat ze betrokken was bij de gebruikelijke taken die van alle leden van deze gemeenschap werden verwacht. Tussen mei en december 1885 schilderde ze bijvoorbeeld de ramen van drie gebouwen, hielp ze met de oogst, werkte ze aan het opwinden van garen, maakte ze jurken voor "elk van de kleine meisjes" van de familie in het zuiden en "maakte ze het weven van drie trapkleden af".

Haar leiderschapskwaliteiten werden in 1881 erkend toen ze werd aangesteld om Ouderling Rosetta Hendrickson (1844-1912) te assisteren. De volkstelling van de staat New York uit 1905 vermeldt de 48-jarige Anna Case als "Eldress" (ouderling) samen met Eldress Hendrickson, die toen 60 was. Het is waarschijnlijk dat de rol van ouderling/ouderling in die tijd ook de taken omvatte die voorheen werden uitgevoerd door diakenen/diaconessen, die de dagelijkse personeelszaken van de gemeenschap regelden, zoals werk- en woontoewijzingen. Anna Case werd in 1912 de leidende ouderling na het overlijden van Eldress Rosetta. In het voorjaar van 1915 werd ze ook benoemd tot trustee van de Shakers van Watervliet, waardoor haar takenpakket werd uitgebreid met het beheer van alle zakelijke aangelegenheden.

De Shakers bleven in de 20e eeuw een agrarische gemeenschap en waren sterk afhankelijk van ingehuurde arbeidskrachten. Het toezicht houden op de landbouwmanagers en de verkoop van landbouwproducten behoorde tot het werk van Eldress Anna. Ze regelde ook de verkoop van andere producten die speciaal voor The World werden gemaakt, zoals overhemden die werden genaaid voor plaatselijke overhemdenfabrieken, truien die werden gebreid voor warenhuizen en diverse textiel- en luxeartikelen. Tegelijkertijd zorgde ze voor de benodigdheden voor de Shakers zelf. Er zijn verwijzingen naar hoe ze omging met de rantsoenering van meel en andere producten tijdens de Eerste Wereldoorlog.

Wanneer ze niet bezig was met haar geestelijke en administratieve taken, was ouderling Anna vaak aan het naaien of breien en maakte ze spullen voor de winkel van de zusters, zoals Anna Goepper vaak opmerkt in de South Family Journals:
"Niemand kan ouderling Anna overtreffen als het gaat om gebreide artikelen van welke soort dan ook. Ze is elk moment dat ze vrije tijd heeft bezig." (juli 1916)
"Ze breit zulke mooie truien, een geweldige handwerkster van allerlei soorten." (8 juli 1922)

“Ouderling Anna is de hele tijd bezig met het breien van elegante zijden truien. Ze krijgt er 40 tot 45 dollar voor. Ze breit ze van fijn zijden garen dat 1 dollar per klos kost.” (13 september 1922)

In december 1922 schreef Lucy Bowers in haar dagboek: “Ouderling Anna breit een trui in 48 uur of minder.” Naast het breien van kleding voor de winkel, was ze ook een van de Shaker-zusters die poppenkleding maakte voor de verkoop aan The World. Goepper noteert in 1921 dat Anna Case “12 poppen aankleedt voor de verkoop in Shaker-kleding.”

Ouderling Anna's aandacht reikte veel verder dan de South Family. Lucy Bowers schrijft in haar dagboek van 3 juli 1919: “Ouderling Anna gaat met het [Libanon] Ministerie naar de North [Family]. Weer een moeizame verhuizing.” Ze verwijst naar het proces van de sluiting van de Shakergemeenschap in Watervliet North. Ten tijde van deze dagboeknotitie was Anna Case betrokken geweest bij de sluiting van drie gemeenschappen.

De eerste twee sluitingen die ze meemaakte vonden wellicht plaats in de jaren 1890, toen leden van de Shakergemeenschap in Groveland (nabij Rochester) en de grotendeels Afro-Amerikaanse Shakergemeenschap in Philadelphia naar de locatie in Watervliet werden verplaatst. In 1915 speelde ze een directe rol toen het Centraal Ministerie haar uitnodigde voor een vergadering over de sluiting van de Shakergemeenschap in Enfield, Connecticut. Ze kreeg de taak om Lucy Bowers en Eldress Caroline Tate naar de Shakergemeenschap in South te verplaatsen.

De achteruitgang van de Shakerlevenswijze trof haar echter nog dichterbij toen de Shakergemeenschap in Watervliet vanaf 1916 werd gesloten. Er werden verschillende tijdelijke huurwoningen geregeld, aanvankelijk als basis voor studentes die werkten voor de Women's Land Army of America.
EINDE
< klik hier voor meer over Shaken

Meer Shaken op ShakingLife